Middelbaar beroepsonderwijs-studiefinanciering Iedere student die een voltijd mbo-opleiding volgt, ouder is dan 18 en jonger dan 30 jaar, kan onder bepaalde voorwaarden studiefinanciering aanvragen. Situatie na 2015: zie... Vorige

Hoger onderwijs (hogeschool en universiteit)

Hoger onderwijs-studiefinanciering

Iedere student die een voltijd- of duale opleiding aan een hogeschool of universiteit volgt, kan onder bepaalde voorwaarden studiefinanciering aanvragen. Let op: vanaf 1 september 2012 geldt invoering van de "harde knip”. WO-studenten moeten hun bachelor volledig (=100%) hebben afgerond voor ze aan een master mogen beginnen

 

De studiefinanciering voor het hbo en wo bestaat uit vier onderdelen:

  1. een aanvullende beurs voor maximaal 4 jaar (of langer bij studies met een langere studieduur). Of een student recht heeft op de aanvullende beurs is afhankelijk van het inkomen van de ouders;
  2. een studentenreisproduct (OV-chipkaart);
  3. een studielening ten tijde van het recht op de prestatiebeurs en na beëindiging van het recht op de prestatiebeurs maximaal 3 jaar;
  4. een collegegeldkrediet. De hoogte van het bedrag is afhankelijk van het soort te betalen collegegeld. 

Met de rekenhulp van de DUO kan de student berekenen hoeveel studiefinanciering verkregen kan worden.

 

Let op: De studiefinanciering voor hbo of universiteit is de eerste vier jaar een prestatiebeurs. Deze prestatiebeurs kan bestaan uit a. aanvullende beurs en b. studentenreisproduct.

 

DUO betaalt de prestatiebeurs eerst uit als lening. Pas als de student binnen tien jaar na het begin van zijn/haar eerste opleiding een diploma haalt, wordt de prestatiebeurs van een lening in een gift omgezet. Het bedrag dat omgezet wordt in een gift is afhankelijk van het type diploma. Bachelor of master. Over het bedrag wordt vervolgens ook rente berekend.

 

Er zijn twee meetpunten (het eerste jaar van gebruik en 10 jaar na aanvang van de studie) om te bepalen of de studietoelage een gift of een lening is. Staat de student ingeschreven bij meerdere opleidingen, dan is de opleiding van het hoogste niveau bepalend.

 

Let op:

  • Het recht op studiefinanciering moet voor het 34ste jaar of uiterlijk tien jaar na het begin van de studie worden gebruikt.
  • Als de student stopt met de studie, teveel bijverdient of de rechten op een later tijdstip wil gebruiken moet de student zelf de studiefinanciering stopzetten. Blijft de student gebruik maken van studiefinanciering zonder daarop recht te hebben, dan wordt het gebruikte geld teruggevorderd. Let op: Met boete.
  • De DUO voert continu controles uit om te zien of de student krijgt waar hij/zij recht op heeft en of hij/ zij geen misbruik maakt van de voorzieningen. 

Studiefinanciering voor het hbo of wo

1. Basisbeurs. De hoogte van de basisbeurs is afhankelijk van de woonsituatie van de student (thuis- of uitwonend). Let op: Als de student met of zonder partner kind(eren) verzorgt, heeft de student onder voorwaarden recht op bepaalde toeslagen.

 

2. Aanvullende beurs. Het verkrijgen van een aanvullende beurs en de hoogte ervan hangt af van het gezamenlijk inkomen van de ouders. Ouders kunnen met de rekenhulp ouderbijdrage van de DUO uitrekenen of, en zo ja, wat de hoogte van de aanvullende beurs zal zijn. Deze beurs wordt de eerste 12 maanden als een gift verstrekt, daarna als lening.                                                                                                      

Indien de studie binnen 10 jaar succesvol afgerond is en het inkomen onder een bepaald bedrag valt, is de aanvullende beurs in de jaren na jaar 1 ook een gift en kan de lening kwijtgescholden worden. Let op: Vanaf 2011 wordt de aanvullende beurs voor het hoger onderwijs al na 5 maanden studiefinanciering onder de prestatiebeurs gebracht .

 

3. Rentedragende lening. Naast de basisbeurs en eventuele aanvullende beurs is het mogelijk maandelijks een bedrag te lenen. De hoogte is afhankelijk van de woonsituatie en opleidingssoort van de student. Het bedrag kan de student maandelijks aanpassen naar eigen wens.                                                                                   

Na beëindiging van het recht op de prestatiebeurs kan de student, mits ingeschreven aan een voltijd opleiding, nog drie jaar lenen. Het maximumbedrag ligt binnen deze periode hoger dan gedurende het recht op de prestatiebeurs. Door het recht op studiefinanciering stop te zetten, kan de student later weer gebruik maken van de leenmogelijkheid.

Let op:De lening is een rentedragende lening. Op 1 januari na beëindiging van de studiefinanciering begint de aanloopfase van 2 jaar. Dan wordt het rentepercentage en de maandtermijn voor de aflossing vastgesteld. De termijn voor terugbetaling bedraagt 35 jaar (voorheen 15 jaar). Als de aflosfase is afgelopen, wordt de restschuld kwijtgescholden.

Het termijnbedrag voor aflossing hangt af van het belastbaar inkomen en het vermogen. Zie op duo.nl onder Beginnen met aflossen. Je kunt een verlaging van het maandbedrag aanvragen. Zie rekenprogramma www.duo.nl onder rekenhulp verlagen maandbedrag. Dat wordt voor 1 jaar toegestaan. Let op: een aflossingsvrije periode of het buiten beschouwing laten van het inkomen van een fiscaal partner verlengt de periode van aflossing.

 

Het rentepercentage wordt uiterlijk in december door de overheid vastgesteld. Het percentage is gelijk aan het gemiddeld effectief rendement van openbare staatsleningen met een gemiddelde resterende looptijd van 3 tot 5 jaar over de maand oktober van het betreffende jaar. De rente staat voor 5 jaar vast. De rente tijdens de studie wordt op dezelfde wijze vastgesteld maar geldt voor 1 jaar. De rente wordt bijgeteld bij de hoofdsom. DUO biedt een rekenhulp aan om te bepalen hoe duur lenen voor de specifieke situatie van de student is. Maak de berekening ook eens met een rente van 4% of zelfs 8%. Kijk voor de historische rente op ib-groep.nl onder Rentepercentages van leningen ontvangen ná 1-1-1992.

 

4. Studentenreisproduct. Het studentenreisproduct bestaat uit de OV-chipkaart, voorheen OV-jaarkaart. De student moet een keuze maken tussen een week- of weekendabonnement. Als reizen met de OV-chipkaart niet voldoet, dan kan soms een extra reiskostenvergoeding verkregen worden. Naast de maandelijkse vergoeding mag de aanvrager dan met het abonnement reizen. Let op: Als de student na beëindiging van het recht op de prestatiebeurs stopt met gebruik maken van studiefinanciering, vervalt de OV-chipkaart ook. Vraag daarom altijd een nullening aan, zodat het reisproduct blijft bestaan. In 2012 is de boete bij onterecht gebruik van het studentenreisproduct verhoogd van € 68 per halve maand naar € 97 per halve maand. Let op: in september is het recht op het studentenreisproduct verkort van prestatiebeurs plus 3 jaar naar prestatiebeurs plus 1 jaar. Let op de boete bij onterecht gebruik. Zie op www.duo.nl onder reisproduct stopzetten. Verkorting van het studentenreisproduct is een belangrijk financiële verslechtering voor studenten in het kader van het wetsvoorstel 33.145 Wijziging Wet studiefinanciering 2000 inzake inkorten studentenreisrecht en vervallen bijverdiengrens. Het oorspronkelijke wetsvoorstel Studeren is Investeren (http://www.eerstekamer.nl/wetsvoorstel/33145_wijziging_wet) is aangepast. Het sociaal leenstelsel in de masterfase en de terugbetaaltermijn van 15 naar 20 jaar is (tijdelijk) vervallen.   

 

5. Collegegeldkrediet. Iedere student die hoger onderwijs volgt en recht heeft op studiefinanciering kan ook collegegeldkrediet aanvragen. Zolang het recht op de prestatiebeurs bestaat, kan de student iedere maand een bedrag lenen om het collegegeld mee te betalen. De hoogte van het krediet is afhankelijk van de hoogte van het collegegeld. Let op: Het is niet vereist dat het krediet ook daadwerkelijk gebruikt wordt om het collegegeld mee te betalen. Het wordt namelijk samen met de prestatiebeurs verstrekt. 

Door gebruik te maken van een volledige studiefinanciering bouwen studenten een grote schuld op. Deze schuld kan oplopen tot € 50.000 of meer. De rentelasten beperken de mogelijkheden tot lenen na beëindiging van de studie in een periode dat een nieuwe fase in het leven aanbreekt. Denk hierbij aan de aanvraag van een hypotheek of consumptief krediet.

 

 

Titulatuur - studie

Vanaf 1 januari hebben afgestudeerde hbo-ers het recht de titel van bachelor of master 'of arts', 'of science' of 'of laws' te gebruiken. Zie rijksoverheid.nl onder nieuwsberichten-over-het-onderwerp-hoger-onderwijs.

 

Vanaf 2013 is binnen het hoger beroepsonderwijs een tweejarige studie ingevoerd met een looptijd van 2 jaar: de Associate degree. In 2014 waren er al 150 Associate degree opleidingen. Zie op rijksoverheid.nl onder Associate degree.

 

REALISEER je wens, door kostenbesparing en batenverhoging.
De studiekosten stijgen snel en de studenten worden belast met schulden voor de toekomst. Tijd om scherp op de kosten te letten. Kijk op de site van DUO onder Aanvraag studiefinanciering. Let op: dien de aanvraag in 3 maanden voor dat je aanspraak kunt maken op studiefinanciering.

 

Kijk ook op korting op reizen na beëindiging van de studie: Korting NS KAART 

 

Het beleid wordt doorgevoerd in 2014, 2015 en 2016. rijksoverheid.nl/onderwerpen/hoger-onderwijs/studiefinanciering -------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------Neem... Volgende
Back to home

Oplossingen