Na de WW gelden regelingen voor oudere of arbeidsongeschikte werknemers. Kijk op rijksoverheid.nl onder uitkering oudere werklozen IOAW, IOW, IOAZ. Zie op www.rijksoverheid.nl onder sociale... Vorige

Wet werk en zekerheid -of onzekerheid?-

Wet werk en Zekerheid (33818) en het online versie van het Handboek Nieuw ontslagrecht

 

Nieuwe wetgeving in wording:

Flexwerk/ tijdelijke contracten en vaste dienst dichterbij brengen, is het doel van de Wet arbeidsmarkt in balans

https://www.internetconsultatie.nl/arbeidsmarkt_in_balans.

Belangrijke maatregelen zijn:

- verruiming van ontslaggronden buiten 8 limitatieve in BW opgenomen ontslaggronden: http://wetten.overheid.nl/BWBR0005290/2015-07-01#Boek7_Titeldeel10_Afdeling9_Artikel669   en https://www.wwzproof.nl/ontslaggronden

- lagere of laten vervallen van de ontslagvergoeding voor oudere werknemers maar eerdere uitkering

- verruiming van de ketenbepaling naar maximaal 3 contracten in 3 jaar.

 

rijksoverheid.nl

Quote

Wet arbeidsmarkt in balans (WAB) in internetconsultatie

Het kabinet wil het voor werkgevers aantrekkelijker maken om mensen in vaste dienst te nemen. Minister Koolmees komt daarom met een pakket aan maatregelen die dit samen bereiken. Deze nieuwe Wet arbeidsmarkt in balans (WAB) gaat vandaag in internetconsultatie. De minister wil het wetsvoorstel voor de zomer naar de Raad van State sturen en daarna naar de Tweede Kamer.

 

De arbeidsmarkt vraagt om onderhoud. Zowel werknemers als werkgevers geven aan dat sommige van de huidige wetten en regels een soepel werkende arbeidsmarkt in de weg staan. Teveel mensen komen er daardoor niet meer tussen. 70 procent van het groeiende aantal flexwerkers geeft aan een vaste baan te willen. Minister Koolmees wil dat meer werkenden zekerheid krijgen, terwijl tegelijkertijd flexwerk mogelijk blijft waar het nodig is.

De Wet arbeidsmarkt in balans (WAB) bevat deze samenhangende maatregelen.

  • Ontslag wordt ook mogelijk als er sprake is van een optelsom van omstandigheden, de zogenaamde cumulatiegrond. Nu moet de werkgever aan 1 van de 8 ontslaggronden volledig voldoen. Deze nieuwe negende grond geeft de rechter de mogelijkheid omstandigheden te combineren. De werknemer kan een halve transitievergoeding extra krijgen (bovenop de transitievergoeding), wanneer de cumulatiegrond gebruikt wordt voor het ontslag.
  • Werknemers krijgen vanaf de eerste dag recht op een transitievergoeding (ontslagvergoeding), ook tijdens de proeftijd.
  • De opbouw van de transitievergoeding wordt verlaagd bij lange dienstverbanden.
  • Er komt een regeling voor kleine werkgevers om de transitievergoeding te compenseren als ze hun bedrijf moeten beëindigen wegens pensionering of ziekte. Dit wordt verder uitgewerkt in aanvullende regelgeving.
  • Verlenging van de proeftijd voor vaste contracten van 2 maanden naar 5 maanden.
  • De opeenvolging van tijdelijke contracten (de ketenbepaling) wordt verruimd. Nu is het mogelijk om aansluitend 3 contracten in 2 jaar te aan te gaan. Dit wordt 3 jaar.
  • Ook wordt het mogelijk om de pauze tussen een keten tijdelijke contracten per cao te verkorten van 6 naar 3 maanden als er sprake is van terugkerend tijdelijk werk dat maximaal 9 maanden per jaar kan worden gedaan.
  • Daarnaast komt er een uitzondering op de ketenregeling voor invalkrachten in het primair onderwijs die invallen wegens ziekte.
  • Werknemers die op payrollbasis werken, krijgen dezelfde arbeidsvoorwaarden als de werknemers die in dienst zijn bij de opdrachtgever, met uitzondering van pensioen waar een eigen regeling voor geldt. De definitie van de uitzendovereenkomst wordt niet gewijzigd.
  • Er worden maatregelen genomen om verplichte permanente beschikbaarheid van oproepkrachten te voorkomen. Zo moet een werknemer minstens 4 dagen van tevoren worden opgeroepen door de werkgever. Ook houden oproepkrachten recht op loon als het werk wordt afgezegd. De termijn van 4 dagen kan bij cao worden verkort tot 1 dag.
  • De ww-premie wordt voor werkgevers voordeliger als ze een werknemer een vaste baan aanbieden in plaats van een tijdelijk contract. Nu is de hoogte van de ww-premie afhankelijk van de sector waar een bedrijf actief in is.

Unquote

 

Quote

Minister van SZW stuurt Kamerbrief met betrekking tot het wetsvoorstel Arbeidsmarkt in Balans (WAB)

Op vrijdag 29 juni jl. heeft de ministerraad ingestemd met het voorstel voor de Wet arbeidsmarkt in balans (WAB) van de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Onderdeel van dit wetsvoorstel is het per 2020 vervangen van de sectorale differentiatie van de WW-premies door premiedifferentiatie naar de aard van het contract, waarmee tevens de sectorindeling komt te vervallen. De minister van SZW heeft naar aanleiding hiervan een brief aan de Tweede Kamer gestuurd. De huidige sectorindeling vormt een belangrijke informatiebron voor de uitvoering en handhaving van de verplichtstelling. Daarom volgt de Pensioenfederatie de ontwikkelingen bij het wetsvoorstel met belangstelling.

In de brief wordt gesteld – net zoals in het conceptwetsvoorstel dat eerder ter consultatie voorlag – dat de sectorindeling voor de premieheffing sterk verouderd is, de huidige economische werkelijkheid niet langer weerspiegelt, en beperkte prikkels biedt om werkloosheid, ziekte en arbeidsongeschiktheid te voorkomen. Verder is er volgens de brief sprake van een toenemende uitvoeringsproblematiek van de sectorindeling voor de Belastingdienst.

De brief kondigt aan dat - vooruitlopend op de invoering in 2020 van premiedifferentiatie naar de aard van het contract (en dus het vervallen van de sectorindeling) – de grootste knelpunten in de uitvoering van de sectorindeling per direct worden aangepakt. Het gaat om de volgende maatregelen:

  1. Wijzigingen in de indeling op verzoek van de werkgever zijn niet meer mogelijk met terugwerkende kracht;
  2. Gesplitste aansluitingen zijn niet meer mogelijk voor nieuwe gevallen;
  3. Concernaansluitingen en aansluitingen van nevenbedrijven en neveninstellingen zijn niet meer mogelijk voor nieuwe gevallen.

Deze wijzigingen hebben geen effect op de wijze waarop werkgevers op dit moment zijn ingedeeld.

In de eerdere reactie op de internetconsultatie naar aanleiding van het conceptwetsvoorstel heeft de Pensioenfederatie (onder andere) aangegeven niet gelukkig te zijn met het voornemen om de sectorindeling op termijn te laten vervallen. De sectorindeling is voor verplichtgestelde bpf’en een belangrijke informatiebron voor indelingsvragen ten behoeve van de uitvoering en handhaving van de verplichtstelling, en er zijn op dit moment geen alternatieven beschikbaar die dezelfde kwaliteit en betrouwbaarheid bieden. De Pensioenfederatie blijft het van groot belang vinden dat de gevolgen van het vervallen van de sectorindeling en alternatieven voor de pensioenfondsen in beeld worden gebracht en zal daarover met het ministerie van SZW in gesprek blijven.

Bron: Ministerie van SZW / Pensioenfederatie

Unquote

*******************************************************************

3 juni Wet Werk en zekerheid. 1ste kamer. Stemming 1ste kamer 10 juni. Aangenomen met 50% plus 3 stemmen meerderheid. Kijk op eerstekamer.nl onder Wet Werk en Zekerheid.

Wat verandert?  

Flexwerk met ingang van 1-1-1015 m.u.v. 1. en 2. per 1 juli 2015

  1. ketenbepaling 3 tijdelijke contracten in 2 jaar i.p.v. 3 jaar. D.w.z. dat na 2 jaar geen flexibel/voorlopig contract aangeboden mag worden. Doel eerder een vast contract
  2. interval tussen 2 jaar ’s periode 6 maanden i.p.v. 3 maanden. Doel: minder draaideurconstructies. Het was 3x3x3 (3 contracten in 3 jaar met een onderbreking van 3 maanden) en is per 15 juli 3x2x6
  3. 1 maand voor verval is een aankondiging vereist of contract voortgezet wordt of niet (aanzegtermijn) 
  4. 0-uren contract/ loonuitsluiting beperkt tot 26 weken. Voorheen was onbeperkte afwijking op cao-niveau mogelijk
  5. bij tijdelijk contract van max. 6 maanden geen proeftijd
  6. bepaaldetijdscontracten geen concurrentieclausule, tenzij uitzonderlijke situatie geldt. 

Zie ook het TNO-rapport op tno.nl ‘De toekomst van Flex’ waarin verwacht wordt dat in 2020 de flexibele schil 30% van de medewerkers betreft.

 

Ontslagroute (1-7-2015)

 

  1. duidelijke ontslagroute. Bedrijfseconomisch ontslag en lange arbeidsongeschiktheid via UWV. UWV moet ontslag binnen 4 weken geregeld hebben. Ontslag op persoonlijk niveau via de kantonrechter
  2. instemmingsvereiste van werknemer (BW 7.670a sub 2c)
  3. beroepsprocedure
  4. minnelijke schikking blijft met 2 weken bedenktijd.

 

Ontslagvergoeding (1-7-2015)

 

  1. transitievergoeding na 2 jaar werk. 1/3 maandsalaris per dienstjaar en na 10 jaar ½ maandsalaris per dienstjaar i.p.v. geen vergoeding via UWV-traject of kantonrechtersformule via kantonrechterstraject. Ook voor werknemers met een tijdelijk contract van tenminste 2 jaar. Zie antwoordvoorbedrijven.nl onder transitievergoeding bij ontslag
  2. gemaximeerd op € 75/m of een hoger jaarsalaris
  3. kosten voor re-integratie of werk naar werk traject of scholing mag afgetrokken worden
  4. afwijking bij ernstige verwijtbaarheid via de rechter met hoger beroep.

 

 WW-uitkering 

 

  1. maximaal 24 maanden in plaats van 38 maanden (1-1-2016). Geleidelijke looptijd verkorting in de periode 2016-2019
  2. mogelijke aanvulling tot 38 maanden via cao
  3. na 6 (was 12) maanden is alle arbeid ‘passend’ (1-7-2015)
  4. van urenverrekening naar inkomensverrekening bij het verwerven van inkomen in de WW-periode
  5. uitkering: voor 1ste 10 jaar werk geldt 1 jaar=1 maand uitkering en daarna 1 jaar werk=1/2 jaar uitkering.

 29-11-2013: Advies Raad van State. 3-6-2014: stenogram 1ste kamer, ongecorrigeerd.

 

Meer op rijksoverheid.nl onder:

 

--------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

 

Overgenomen van rijksoverheid.nl:

De wet- en regelgeving rondom flexibele contracten wordt aangepast om tot een betere balans tussen vaste en flexibele contracten te komen. Het ontslagrecht wordt vereenvoudigd. Ontslag om bedrijfseconomische redenen en na langdurige arbeidsongeschiktheid gaat voortaan via UWV, ontslag om persoonlijke redenen wordt door de rechter beoordeeld. Daarnaast krijgt in beginsel iedereen met een dienstverband van tenminste twee jaar bij ontslag recht op een transitievergoeding, die ingezet kan worden voor scholing. De duur van de WW verkort tot twee jaar en de opbouw van de WW-rechten wordt daarop aangepast.

Wet Werk en Zekerheid naar de Tweede Kamer

Nieuwsbericht | 29-11-2013

  • Het ontslagrecht wordt sneller, goedkoper en eerlijker.
  • De rechtspositie van flexwerkers wordt versterkt.
  • De WW wordt er meer op gericht om mensen weer snel aan het werk te krijgen.

Dat staat in het wetsvoorstel Werk en zekerheid van minister Asscher van Sociale Zaken en Werkgelegenheid dat vandaag bij de Tweede Kamer is ingediend.

De voorstellen van minister Asscher vloeien voort uit het sociaal akkoord dat kabinet en sociale partners – met instemming van hun achterbannen – in april van dit jaar sloten. Wat toen werd afgesproken met vakbonden en werkgeversorganisaties is nu door de minister in een wetsvoorstel uitgewerkt.

“Het is de hoogste tijd om oneigenlijk gebruik van flexibele arbeid aan te pakken en ontslagrecht en WW aan te passen aan de eisen en de wensen van de arbeidsmarkt van onze tijd en de toekomst.”

Ontslag

Er komt een nieuw soort vergoeding bij ontslag: de transitievergoeding. Alle werknemers krijgen na een arbeidsovereenkomst van ten minste twee jaar recht op deze vergoeding die gebruikt kan worden voor scholing en om over te stappen naar een andere baan of een ander beroep.

Deze transitievergoeding wordt afhankelijk van de duur van een dienstverband. De regel is: ⅓ maandsalaris per dienstjaar en ½ maandsalaris per dienstjaar dat men langer dan tien jaar in dienst is geweest. De vergoeding wordt maximaal € 75.000, en maximaal een jaarsalaris voor mensen die meer dan € 75.000 per jaar verdienen.

Om rechtsongelijkheid bij ontslag te bestrijden, wil de minister werkgevers niet meer zelf laten kiezen of ze werknemers via de kantonrechter of via het UWV ontslaan. Die mogelijkheid maakt het ontslagstelsel onnodig complex en leidt tot ongelijke behandeling in gelijke gevallen. Nu krijgt de ene werknemer, via de kantonrechter, een gouden handdruk, terwijl de andere werknemer, via het UWV, zonder vergoeding op straat komt te staan.

Met de Wet werk en zekerheid komt er een vast voorgeschreven route: ontslag om bedrijfseconomische reden gaat via het UWV en ontslag om persoonlijke redenen wordt door de kantonrechter beoordeeld. De procedures zullen sneller verlopen.

In alle gevallen krijgt de werknemer recht op een wettelijke transitievergoeding. Door deze verandering dalen de gemiddelde kosten van ontslag voor werkgevers.

De wettelijke bescherming tegen willekeur bij ontslag blijft onverminderd bestaan. Minister Asscher houdt vast aan preventieve toetsing.

Flex

De minister vindt dat er te grote verschillen zijn ontstaan in de behandeling van werknemers met vaste en flexibele contracten. Hij stelt maatregelen voor om werknemers met flexibele contracten meer zekerheid te bieden en eerder door te laten stromen naar een vast contract.

Om te voorkomen dat werknemers te lang en tegen hun zin met opeenvolgende tijdelijke contracten voor dezelfde werkgever werken, kunnen ze straks eerder aanspraak maken op een vast contract. Niet na drie jaar, zoals nu, maar al na twee jaar.

Oneigenlijk gebruik van flexibele arbeidsvormen wordt aangepakt. Zo komt er een betere ontslagbescherming voor werknemers die via payrolling werken en wordt het langdurig gebruik van 0-urencontracten aan banden gelegd en in de zorg helemaal verboden.

WW

Minister Asscher kiest met de voorgestelde veranderingen van ontslagrecht en Werkloosheidswet voor een meer activerende aanpak om werkloosheid te voorkomen. Samen met sociale partners wil hij werknemers die hun baan verliezen zo snel mogelijk van werk naar werk begeleiden en zo kort mogelijk werkloos laten zijn. Van mensen die langer dan een half jaar in de WW zitten, wordt verwacht dat ze al het beschikbare werk als passende arbeid aanvaarden. Door een nieuw systeem van inkomensverrekening wordt voorkomen dat mensen daarbij minder gaan verdienen dan ze in de WW als uitkering kregen. Werkhervatting vanuit de WW wordt altijd lonend.

De maximale duur van de publiek betaalde WW wordt van 1 januari 2016 tot 2019 stapje voor stapje teruggebracht van 38 naar 24 maanden. Werkgevers en werknemers kunnen in de cao afspraken maken om de WW-uitkeringen na 24 maanden – tot 38 maanden – uit eigen zak te betalen.

Minister Asscher verwacht dat deze voorstellen een gunstig gevolg hebben voor het functioneren van de arbeidsmarkt. Na advies van de Raad van State heeft de minister het wetsontwerp juridisch aangepast en is het vandaag naar de Tweede Kamer gestuurd voor parlementaire behandeling.

In het begrotingsakkoord van oktober dit jaar heeft het kabinet afspraken gemaakt met de Tweede Kamerfracties van ChristenUnie, D66, PvdA, SGP en VVD over versnelde invoering van de voorgestelde maatregelen. Als de Tweede Kamer en Eerste Kamer akkoord gaan, kan de versterkte rechtspositie van flexwerkers vanaf 1 juli 2014 ingaan, en hervorming van het ontslagrecht en het eerdere aanvaarden van passende arbeid in de WW vanaf 1 juli 2015.

Volgens het Centraal Plan Bureau zal de arbeidsmobiliteit van ouderen toenemen door de daling van de gemiddelde ontslagkosten; de vergoedingen bij ontslag worden per saldo lager. Gemiddeld blijft de ontslagbescherming volgens het CPB voor vaste contracten gelijk en neemt de bescherming voor flexibele contracten toe. Het CPB verwacht dat de maatregelen 20.000 nieuwe voltijdbanen opleveren als gevolg van een meer activerende WW.

rijksoverheid.nl/onderwerpen/ontslag/vraag-en-antwoord/heb-ik-recht-op-een-vergoeding-als-ik-word-ontslagen?   REGEERAKKOORD... Volgende
Back to home

Oplossingen