Overzicht van alle rekenmodules (geen offertes). Vrije informatie (open access) = zonder kosten. STUDEREN  Opbouw studieschuld en studiekosten vergelijking op nibud.nl onder financieelstudieplan.nl/ Aflossing studieschuld in 15 en 35 jaar op... Vorige

Armoede in Nederland

Langdurige armoede verder toegenomen in 2016

cbs.nl/-/media/_pdf/2018/03/armoede-en-sociale-uitsluiting-web.pdf

nu.nl/geldzaken/5090234/opnieuw-meer-huishoudens-in-langdurige-armoede.html 

 

17 januari 2018, cbs.nl
Quote
Het aantal huishoudens dat vier jaar of langer van een laag inkomen moest rondkomen is verder toegenomen. In 2016 hadden 224 duizend huishoudens langdurig een laag inkomen, 15 duizend meer dan in 2015. Het risico op armoede was het hoogst in Rotterdam, Groningen en Amsterdam. Dit meldt het CBS in het rapport Armoede en sociale uitsluiting 2018.

 

In totaal moesten 590 duizend huishoudens in 2016 rondkomen van een laag inkomen, oftewel 8,2 procent van alle huishoudens. Het Centraal Planbureau, dat op verzoek van het CBS een raming gemaakt heeft, verwacht dat in 2018 het aandeel huishoudens onder de lage-inkomensgrens licht daalt tot 7,9 procent.

 

In 2016 moesten 224 duizend huishoudens al ten minste vier jaar op rij rondkomen van een laag inkomen. Dat komt neer op 3,3 procent van alle huishoudens. In 2014 had nog 2,7 procent van de huishoudens een langdurig laag inkomen. De toename komt voornamelijk doordat meer huishoudens langdurig afhankelijk zijn van een bijstandsuitkering.

 

 

Gepensioneerden minst getroffen door armoede

Huishoudens met een hoofdkostwinner die kort voor het pensioen zit hebben relatief vaak een langere periode met kans op armoede achter de rug. Tussen de 50 en ongeveer 65 jaar wordt een steeds groter deel wegens arbeidsongeschiktheid of werkloosheid afhankelijk van een uitkering. Met de pensionering verbetert de inkomenssituatie voor velen doordat het (volledige) AOW-pensioen boven de lage-inkomensgrens uitkomt. Bovendien hebben de meeste ouderen naast hun AOW nog aanvullend pensioen en inkomsten uit vermogen. De 65-plussers lopen van alle leeftijdsgroepen dan ook het minst risico op (langdurige) armoede.

 

 

117 duizend kinderen langdurig in armoede

In totaal leefden in 2016 ruim 292 duizend minderjarige kinderen in een huishouden met een laag inkomen, 11 duizend minder dan het jaar ervoor. Voor 117 duizend van hen was dit het vierde jaar achtereen. Dit waren er net zoveel als in 2015. Ruim 4 op de 10 van deze kinderen groeiden op in een eenoudergezin.

Het merendeel (60 procent) van de kinderen in langdurige armoede maakte deel uit van een bijstandsgezin. Bij een kwart was betaald werk de belangrijkste inkomensbron van het gezin.

 

 

Hoogste risico op armoede in Rotterdam

In Rotterdam had 15,3 procent van de huishoudens risico op armoede, gevolgd door Groningen (14,7 procent) en Amsterdam (14,6 procent). De kleine gemeente Rozendaal (Gelderland) had met 2,9 procent het laagste aandeel huishoudens met een laag inkomen. Grotere gemeenten hebben vaak relatief veel huishoudens met een hoger risico op armoede. Maar vooral in het noordoosten van het land zijn juist veel kleinere gemeenten met een bovengemiddeld aandeel huishoudens met een laag inkomen. Ook binnen gemeenten is het risico op armoede niet gelijkmatig per wijk en buurt verdeeld.

 

 

********************************

CBS: Ongelijkheid in welvaart stabiel

29-6-2016 / 09:30
De netto-inkomensverschillen tussen Nederlandse huishoudens zijn sinds 2001 klein en vrijwel stabiel. De economische crisis had geen vat op de ontwikkeling van de inkomensongelijkheid. Wel steeg de ongelijkheid in vermogen als gevolg van de ingestorte woningmarkt, maar door het aantrekken van de huizenprijzen nam die in 2014 niet verder toe. Dat meldt CBS in de publicatie Welvaart in Nederland 2016.

In de laatste vijftien jaar nam alleen in 2007 de ongelijkheid in inkomen licht toe. Dat kwam door een fiscale maatregel die het voor directeuren-grootaandeelhouders aantrekkelijk maakte zichzelf in dat jaar veel dividend uit te keren. Nederland behoort, samen met onder meer Scandinavische lidstaten, al jaren tot de EU-lidstaten met de meest gelijke inkomensverdelingen.

 

Inkomensongelijkheid bij jongeren toegenomen door crisis

De inkomensverschillen onder jonge hoofdkostwinners namen tussen 2011 en 2014 toe. Jongeren gingen vanwege de verslechterde kansen op de arbeidsmarkt langer doorleren, waardoor steeds meer lage inkomens tegenover steeds minder hoge inkomens kwamen te staan. Bij zelfstandigen nam de ongelijkheid tijdens de crisis juist af. Deze groep groeide toen flink in omvang en het gemiddeld inkomen van de zelfstandigen aan de onderkant van de inkomensladder steeg, terwijl het aan de bovenkant daalde.

Stijging vermogensongelijkheid voorbij

Het vermogen is aanmerkelijk ongelijker verdeeld dan het inkomen. Begin 2014 was86 procent van het vermogen in handen van de 20 procent meest vermogende huishoudens. Door de daling van de huizenprijzen steeg de vermogensongelijkheid gedurende de economische crisis. Eigenwoningbezitters met een hoge hypotheekschuld en senioren van wie het vermogen overwegend bestaat uit de (afbetaalde) eigen woning werden relatief zwaarder getroffen door de instortende woningmarkt dan huishoudens met een hoger vermogen, die vaak ook spaartegoeden of effecten hebben.
Doordat de woningmarkt in 2014 weer aantrok, kwam er een eind aan de toename in de vermogensongelijkheid. Als de waarde van de eigen woning en de bijbehorende hypotheekschuld buiten beschouwing worden gelaten, is de vermogensongelijkheid tussen 2006 en 2014 vrijwel gelijk gebleven.

 

Welvaartsongelijkheid het grootst bij jong en oud

Ook de welvaartsongelijkheid volgens een nieuwe welvaartsmaat is van 2006 tot 2014 vrijwel ongewijzigd gebleven. Deze welvaartsmaat is gebaseerd op een combinatie van inkomen en een deel van het vermogen dat groter is naarmate de levensverwachting van de hoofdkostwinner van het huishouden korter is. Bij de jongere en middelbare leeftijdsgroepen is het inkomen de dominerende factor in de welvaart, vanaf het vijftigste levensjaar begint het vermogen een steeds grotere rol te spelen. De welvaartsongelijkheid is in de jongste leeftijdsgroep met een hoofdkostwinner tot 25 jaar daarom groot, zoals dat ook bij de inkomensongelijkheid het geval was.

Maar ook bij 65-plussers, die betrekkelijk weinig verschillen in inkomen, is de welvaartsongelijkheid relatief groot. Dit heeft te maken met het eigenwoningbezit van65-plussers. Bij de huurders met veelal een relatief gering inkomen en weinig vermogen is sprake van lage welvaart, terwijl de eigenwoningbezitters met vooral een betrekkelijk hoog vermogen in hogere welvaart leven. Onder 65-plussers zijn ongeveer net zo veel huurders als eigenwoningbezitters.

4 februari 2015. Schuldenproblematiek huishoudens: tweedekamer.nl/kamerstukken/plenaire_verslagen/detail?vj=2015-2016&nr=51&version=2

Juni 2014. Zie WRR onder Hoe ongelijk is NederlandHoe_ongelijk_is_NL_volledig.pdf. Fact sheets

Juli 2014. Het Europese armoederapport file:///C:/Users/gevers/Downloads/EUKN_report_InclusiveCity_Final.pdf geeft informatie over armoede en sociale uitsluiting in Europa. Dit wordt gedaan op basis van de AROPE indicator. Volgens het rapport The Inclusive City: Approaches to combat urban poverty and social exclusion in Europe of de Nederlandse versie is het armoedepercentage in Europa 24% van de betreffende bevolking en in Nederland 15%. Definities van CBS/SCP 2013 wijken hiervan af en leiden tot lagere armoedecijfers. Zie ook wikipedia.nl onder armoedegrens

 

Nederland

Zie cbs.nk onder Armoedesignalement 2013.

De armoede in Nederland neemt toe. Cijfers zijn beschikbaar op cbs.nl onder armoedesignalement en op scp.nl onder de armste gemeenten. De mate van armoede is afhankelijk van de definitie. Zie op platform31.nl onder Verschillende benaderingen van armoede.

 

De armoede is ongelijk verdeeld en sterker in het Noorden, Oosten en diepe Zuiden geconcentreerd. Het belang van de hoogte van inkomens neemt toe omdat:

1. gemeenten steeds meer taken in zorg en bijstand krijgen toegewezen met minder budget

2. producten/ diensten soms duurder zijn in postcodegebieden met lagere inkomens. Zo blijken premies van overlijdensrisicoverzekeringen soms gebaseerd te zijn op het gemiddelde inkomen in een postcodegebied.

Uitgaande van een kortere levensverwachting in geval van lagere inkomens, zijn de premies hoger.

 

Een overzicht van de Telegraaf:

ma 02 jun 2014, 20:38

Hier wonen de rijkste Nederlanders. Bekijk de top-10 van rijkste en armste gemeenten.

Het CBS maakte vandaag nieuwe cijfers bekend over de vermogens en inkomens van Nederlanders. Daaruit bleek ook dat de verschillen per gemeente groot zijn.

 

Vermogen

Hieronder de tien gemeenten met het hoogste en het laagste aandeel vermogende huishoudens

(percentage huishoudens met vermogen boven 193.000 euro)

 

1 Rozendaal 61,4

2 Alphen-Chaam 58,7

3 Laren 58,4

4 Bloemendaal 57,8

5 Haaren 55,7

6 Edam-Volendam 55,7

7 Oirschot 55,6

8 Sint Anthonis 55,6

9 Eersel 54,8

10 Hilvarenbeek 54,7

 

1 Rotterdam 9,2

2 Heerlen 9,7

3 Spijkenisse 9,8

4 Almere 10,0

5 Lelystad 10,5

6 Den Helder 11,0

7 Schiedam 11,0

8 Brunssum 11,4

9 Kerkrade 11,4

10 Enschede 12,4

 

Inkomen

Plus de top-10 waar de hoogste gemiddelde inkomens per huishouden worden verdiend en de tien laagste.

(Gemiddeld inkomen in 1000 euro)

 

1 Bloemendaal 36,3

2 Rozendaal 36,0

3 Wassenaar 35,2

4 Blaricum 34,4

5 Laren 34,0

6 Naarden 32,4

7 Heemstede 32,3

8 Oegstgeest 31,2

9 De Bilt 29,6

10 Muiden 29,5

 

1 Pekela 19,7

2 Stadskanaal 20,5

3 Achtkarspelen 20,6

4 Kerkrade 20,7

5 Hoogezand-Sappemeer 20,8

6 Oldambt 20,8

7 Heerlen 20,9

8 Vlagtwedde 20,9

9 Brunssum 21,0

10 Vaals 21,0

 
Woont u in een financieel sterke buurt?
 
https://www.trouw.nl/samenleving/de-wereldwijde-ongelijkheid-blijft-maar-toenemen~acd16554/ https://www.nytimes.com/interactive/2017/12/14/business/world-inequality.html Volgende
Back to home

Oplossingen