vraag en antwoord: tweedekamer.nl/downloads/documents.doc     12... Vorige

Renteverschillen bij studieschuld en effect op aflossing

In bewerking

 

Effect van een stijgende rente op een steeds hogere studieschuld

“Studenten staan straks onder water”

Het inkomen daalt en de studieschuld stijgt snel. Dankzij het vervallen van de basisbeurs heeft elke (ouder van) student zonder eigen vermogen voor de studie € 13.000 extra studieschuld.

De rente is weliswaar laag maar toch aanzienlijk en het percentage is onzeker. Elke 5 jaar wordt de rente herzien. De historisch rentepercentages schommelen tussen minder dan 1% tot 11%.

De student met een studielening heeft niet de mogelijkheid de rente vast te zetten. Dat kan een groot effect hebben op de uiteindelijk af te betalen studieschuld en de aflossingsperiode. Daarnaast is het een onzekere factor in de financiële planning en beperkt de hoge aflossing, naar draagkracht, de mogelijkheid om geld te spenderen aan belangrijke doelen als vakantie en opbouw van een studiespaarbuffer voor de kinderen.

 

Renteberekeningsmethode

De berekening van de rente staat in de  Wet studiefinanciering 2000:

 

Artikel 6.3. Vaststelling rentepercentage

Onze Minister stelt jaarlijks uiterlijk in december een rentepercentage vast dat gelijk is aan het gemiddeld effectief rendement over de maand oktober van dat jaar van de openbare lening, uitgegeven door de Staat der Nederlanden en toegelaten tot de notering aan de officiële markt ter beurze van Amsterdam, met een gemiddelde resterende looptijd van 3 tot 5 jaren.

 

Dit houdt in dat ná oktober het gemiddelde dagelijkse effectieve rendement wordt genomen van alle leningen die gedurende de maand oktober een resterende looptijd hebben tussen de 3 en 5 jaar.

 

of

 

Artikel 6.3. Vaststelling rentepercentage Wet studiefinanciering 2000

Onze Minister stelt jaarlijks uiterlijk in december een rentepercentage vast dat gelijk is aan het gemiddeld effectief rendement over de maand september van dat jaar van de openbare lening, uitgegeven door de Staat der Nederlanden en toegelaten tot de notering aan de officiële markt ter beurze van Amsterdam, met een gemiddelde resterende looptijd van 3 tot 5 jaren.

 

Hoe kan ik de renteontwikkeling volgen?

Op de website van het Agentschap (www.dsta.nl) staan de rentestanden van de Nederlandse openbare staatsleningen van 3 tot 5 jaar: https://www.dsta.nl/schatkistbankieren/inhoud/rentestanden-schatkistbankieren

 

Wat is de financiële invloed van de stijging van de rente op de af te lossen schuld?

Rekenprogramma op www.berekenhet.nl onder lenen-en-krediet/studiefinanciering-terugbetalen

Voorbeeld:

 

  1. Stel de studieschuld is € 21.000, aflossing in 15 jaar respectievelijk 35 jaar bij een inkomen van bruto €20/m en een aflossing van max. 4%
    1. Rente gemiddeld 0,2% ?
    2. Rente gemiddeld 2% ?
    3. Bij aflossing in 15 jaar is het verschil bijna € 4.000
    4. Bij aflossing in 35 jaar is het verschil ?

 

  1. Stel de studieschuld is € 50.000, aflossing in 15 respectievelijk 35 jaar bij een inkomen van bruto €20/m en een aflossing van max. 4%
    1. Rente gemiddeld 0,2% ?
    2. Rente gemiddeld 2% ?
    3. Bij aflossing in 15 jaar is het verschil bijna € 9.500
    4. Bij aflossing in 35 jaar is het verschil?

 

Berekeningsmodel van DUO onder Hoe duur is lenen? laat een aantal factoren buiten beschouwing en geeft dus geen goed inzicht in het effect van een stijgende rente op de financiële toekomst.

De aflossing wordt bepaald naar draagkracht. Daarbij wordt het toetsingsinkomen bepaald van u en uw partner. Meer in de Wet studiefinanciering 2000 onder Artikel 6.10. Draagkracht debiteur uit inkomen op jaarbasis

 

Hoe snel kan de rente stijgen?

Per 31-10-14 is de rentestand: 

3 jaar

0,02 %

4 jaar

0,10 %

5 jaar

0,23 %

 

De recente stijging van de 10 jarige staatslening van 0,24 naar 0,85% toont aan dat een snelle rentestijging niet imaginair is en dat de impact op de studieschuld hoog.is.

 

Berekening van de rente vanaf 1 september 2015

Voor studenten die per 1 september 2015 beginnen met studeren geldt het nieuwe studiefinancieringsstelsel, met daarbij ook andere voorwaarden voor een lening (waaronder een nieuwe manier om de rente te berekenen). Voor vragen over dit nieuwe stelsel verwijs ik u door naar het ministerie van OCW.

 

Oplossing

De student met een studielening moet de mogelijkheid krijgen om, net als bij een hypotheek, de rente vast te zetten op 15, 20 of zelfs 30 jaar. Met behoud van de mogelijkheid om vervroegd af te lossen.

Oproep aan de politiek is: voorkom dat grote groepen studenten levenslang in onzekerheid de studiefinancieringsschuld af moeten lossen.

Het rentepercentage voor de studieschuld is nu gelijk aan het gemiddeld effectief rendement van openbare staatsleningen met een gemiddelde resterende looptijd van 3 tot 5 jaar over de maand oktober van het betreffende jaar.  In het Regeerakkoord is besloten de rente te koppelen aan de 10-jaars rente. De rente is veelal hoger: https://www.dsta.nl/schatkistbankieren/rentestanden-schatkistbankieren/rentestanden-rwts-onderwijsinstellingen-en-agentschappen   Volgende
Back to home

Oplossingen